JINC helpt bij LOB-traject Yuverta

Yuverta Nijmegen is een school voor vmbo-Groen. Vroeger kwamen veel leerlingen uit gezinnen die een agrarisch bedrijf hadden. Tegenwoordig heeft echter nog maar 5% van de leerlingen een echt agrarische achtergrond. Toch is de keuze die een leerling maakt voor een vervolgopleiding nog vaak gestoeld op ‘traditionele’ beroepen. Sinds Yuverta zich twee jaar geleden aansloot bij STO is de school een samenwerking aangegaan met JINC. Deze organisatie strijdt, zoals ze zelf zegt, ‘samen met bedrijven en scholen voor een samenleving waar je achtergrond niet je toekomst bepaalt’. Uiteraard is dit niet alleen van toepassing op groenscholen. JINC helpt alle vmbo-en basisschoolleerlingen uit wijken met een sociaaleconomische achterstand bij hun beroepsoriëntatie, onder andere door Bliksemstages.
Onlangs verscheen er een artikel in dagblad Trouw naar aanleiding van het rapport De Staat van het Onderwijs 2026. De kop luidde: ’Plattelandskind is vaker te slim voor zijn school’. Een belangrijke conclusie die wordt getrokken is: ‘Volgens de onderwijsinspectie krijgen kinderen in landelijke regio’s niet de kansen die bij hun talent horen.’ Dit sluit naadloos aan bij de doelstellingen van JINC en de drie projecten op het gebied van werk en opleiding: Bliksemstage, Sollicitatietraining en Carrière Coach. Bij bliksemstage krijgen leerlingen de kans om kennis te maken met bedrijven en beroepen waar ze van huis uit niet zo snel aan zouden denken of zelfs nog nooit van hebben gehoord.
Jan de Groot is techniekregisseur STO bij Yuverta Nijmegen en de grote motor achter de samenwerking met JINC: “Ik ben heel blij dat ik via STO de weg naar JINC heb gevonden. Wij zetten in op bliksemstage voor eerste- en tweedejaars leerlingen en hebben een pilot Carrière Coach gedraaid bij de vierdejaars. Driekwart van onze leerlingen heeft een achterstand waar het gaat om kennis over beroepen en opleidingen, anders dan die van hun ouders. Door deel te nemen aan bliksemstages komen ze daar wel mee in aanraking en kan dat hun LOB-proces positief beïnvloeden.”
Leerlingen zelf laten kiezen
Bij de bliksemstage gaan leerlingen een ochtend naar een bedrijf of instelling om er een rondleiding te krijgen, een activiteit uit te voeren en uitleg te krijgen over wat er zoal gedaan wordt. Leerlingen van leerjaar 1 hebben in juni een bliksemstage en in leerjaar 2 één in september en één in februari. Elke keer kiezen ze een ander bedrijf. Per keer hebben ze de keuze uit zes bedrijven waarvan ze hun eerste en tweede voorkeur mogen aangeven. Voordat de leerlingen hun keuze bepalen voor de bliksemstage, krijgen ze van de mentor uitleg over de deelnemende bedrijven en instellingen. Op basis van de gekozen voorkeuren maakt de mentor een indeling, rekening houdend met het aantal leerlingen dat een bedrijf kan hebben. De organisatieclub van Jan maakt met de lijsten van de mentoren een schema van alle vier de deelnemende klassen en regelt de bezoeken met de bedrijven.
“Het is een gouden greep gebleken om de leerlingen zelf te laten kiezen; iets dat ze bij JINC nog niet waren tegengekomen. Het gevolg is dat we van de bedrijven terug horen hoe geïnteresseerd onze leerlingen zijn. Je kunt natuurlijk als mentor ook zelf een keuze maken, maar dat levert een stuk minder gemotiveerde leerlingen op.”

Bliksem- en maatschappelijke stage
Lotte, Esmee, Georgina, Juna, Gijs en Loek zijn tweedejaars leerlingen die best iets willen vertellen over hun stages; naast de bliksemstages hebben ze ook een maatschappelijke stage. Zoals Gijs, die een ochtend bij woningbouwvereniging Portaal te gast mocht zijn: “Ik heb eerst een rondleiding gekregen en ze hebben veel verteld over wat Portaal allemaal doet. Een van de dingen die ik heb gezien is het aansluiten van elektrische leidingen. Dat vond ik best interessant.” Loek heeft zijn bliksemstage gedaan bij Bovema, een bedrijf in klimaatbeheersing. “Ze hebben me uitgelegd en laten zien hoe ze de waterleiding aansluiten.” Niet alle bliksemstages hebben direct te maken met techniek. Zo zijn Esmee en Lotte naar het UWV geweest waar ze alles te horen kregen over de vele verschillende uitkeringen die er bestaan en ook een rondleiding kregen. Georgina en Juna hebben hun maatschappelijke stage gedaan bij een bakkerij en een hondenuitlaatservice.
Nuttig voor LOB
Jan de Groot is heel blij met de bliksemstages van JINC: “Ze helpen de leerlingen enorm om straks een goede keuze te maken voor een vervolgopleiding. Ze maken kennis met heel veel verschillende beroepen waar ze eerder geen weet van hadden. Het helpt hen bovendien om hun maatschappelijke stage beter te regelen. Sommige leerlingen durfden eerst bijvoorbeeld helemaal niet te bellen naar een bedrijf, maar door hun ervaring met de bliksemstage zijn ze over hun angst hiervoor heen.”
De stage- en LOB-coördinator heeft profijt van de stage-ervaringen van de leerlingen, die in leerjaar 3 hun reguliere stage moeten regelen. Volgens Jan is dat fijn voor alle betrokkenen; zowel mentoren en de leerlingen als de bedrijven. Maar is zo’n stage van een halve dag eigenlijk wel interessant voor bedrijven, vraag je je af. “Ze staan te trappelen”, zegt Jan. “Techniekbedrijven weten dat als ze leerlingen binnen hebben, dat een investering is voor toekomstige medewerkers. Alleen al het feit dat ze zelf zien en horen wat een technisch bedrijf doet, kan een eyeopener zijn voor veel leerlingen. De investering van een ochtend met een stuk of tien leerlingen over de vloer hebben ze er dan graag voor over.”
STO en inclusie
Het thema Inclusie, dat deze periode een van de speerpunten is van STO, krijgt met de bliksemstages en de andere projecten van JINC een prima invulling: leerlingen in aanraking laten komen met beroepen en bedrijfstakken waar ze anders geen idee van zouden hebben. Hiermee verbreed je hun horizon en daarmee de toekomstkansen.
Jan is blij dat zijn school de aansluiting heeft gevonden met Sterk Techniekonderwijs. In de groene sector komt immers heel veel techniek kijken; denk alleen maar aan alle landbouwmachines die gebruikt worden door hoveniers, gemeentes en agrarische bedrijven. “In ons curriculum zit onder meer voeding en de verwerking daarvan. Dan heb je het over procestechniek. Daarnaast hebben we nu twee keuzevakken techniek: booglassen en het groene machinepark. Voor de toekomst willen we het keuzevak procestechniek herontwikkelen voor plant en groen, vanwege de huidige robotisering en automatisering van deze vakgebieden.”

Bron: Sterk Techniek Onderwijs